Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.
Overslaan en naar de inhoud gaan

‘Ik kan iedereen aanraden om ook stamceldonor te worden’

Leestijd: 4 minuten

Bas van Vlijmen (42) doneerde stamcellen aan een man met bloedkanker. ’’Ik weet niet of hij in Australië woont of hier om de hoek en hoef dat ook niet te weten. Maar ik zou het zo weer doen. Ik kan iedereen aanraden om ook stamceldonor te worden.’’

Bas van Vlijmen stamceldonor

De jonge vader vertelt zijn verhaal in het Radboudumc waar hij werkt als apotheker in de poliklinische apotheek en waar ook zijn stamceldonatie plaatshad. ’’Ik doneer al bloed sinds mijn achttiende, het moment waarop het mocht. Mijn vriendin deed het met haar hele familie en zo ben ik het ook gaan doen. Vanuit een altruïstische insteek. Ik wilde iets goed doen en kan het missen.’’


Zijn stamcellen konden de speld in een hooiberg zijn voor een man met leukemie

Het was in de bloedbank dat hem gevraagd werd of hij ook niet stamceldonor wilde worden. Een beetje wangslijmvlies afstaan leek Bas geen probleem.

Eigenlijk dacht hij er de zeven jaar die volgden niet meer over na dat zijn wangslijmvlies was opgeslagen in een wereldwijde databank voor stamceldonoren. Tot hij in het voorjaar van 2017 een verrassend telefoontje kreeg waaruit bleek dat zijn stamcellen weleens dé speld in de hooiberg konden zijn voor een man met leukemie.

Medisch circus

Een paar weken later volgde het bericht dat Bas zijn stamcellen perfect matchten en daarna ging hij het ‘medische circus’ in, zoals hij zegt. ’’Je wordt volledig binnenstebuiten gekeerd. Je bloed wordt getest en er wordt gekeken of je goed gezond bent.’’ Ook wordt er van je verlangd dat je nog eens nadenkt of je écht stamceldonor wil worden. ’’Omdat het wel iets betekent als je stamcellen doneert.’’

Bas had echter geen enkele twijfel. ’’Mijn vrouw en ik werken allebei in de zorg. En ik wist dat ik met mijn stamcellen misschien iemand zou kunnen redden die ernstig ziek is. Ik dacht meteen: gas erop, ga ik doen!’’

Meestal wordt stamceldonatie gedaan via een bloedtransfusie. Maar voor de man aan wie Bas stamcellen afstond, waren stamcellen uit het beenmerg beter. De beenmergpunctie gebeurde onder narcose. ’’Het enige wat je merkt is dat er na afloop twee kleine gaatjes zitten boven je billen. En dat zitten een beetje pijnlijk is.’’

Verder had Bas zeker direct na de ingreep weinig klachten. ’’De volgende dag voelde ik me alweer het mannetje en ging ik mijn dochters naar school brengen…dat viel toch wel een beetje tegen,’’ vertelt hij lachend. ’’Je moet nog wel even een paar dagen opbouwen. Ik voelde me alsof ik griep had. Maar dan zonder koorts en snot.’’

‘Ik heb iemand geholpen, misschien zelfs wel gered’

Op zijn gezicht breekt opnieuw een brede lach door. ’’Ik zou het morgen zo weer doen.’’ Sterker nog: hij kreeg afgelopen week telefoon. Of hij nog een keer donor wil zijn en dit keer alleen witte bloedcellen wil afstaan aan dezelfde man. ’’Dit keer via een bloedtransfusie.’’

De Ossenaar weet dat de ontvanger van zijn stamcellen een man van zestig is. Meer weet hij niet over hem en dat is goed zo, vindt hij. ’’Ik heb iemand geholpen, misschien zelfs wel gered. Ik heb gedaan wat ik kon en dat is goed zo voor mij.’’

Bas van Vlijmen vertelt zijn verhaal geregeld aan anderen met de hoop dat zij ook stamcellen willen doneren. ’’Het enige wat je hoeft te doen is wangslijmvlies afstaan. De kans is vervolgens maar heel klein dat je ooit wordt opgeroepen. Maar als dat wel gebeurt kun je via een relatieve kleine inspanning echt iemands leven redden. Ik hoop dat daar meer mensen over gaan nadenken.’’

Hoe werkt donatie van stamcellen via het beenmerg?

Stamcellen worden meestal via het bloed afgenomen. Maar soms is het voor de patiënt beter om stamcellen direct uit het beenmerg te krijgen. Voor de donatie ga je onder volledige narcose. Met een dikke naald worden stamcellen uit de achterste rand van het bekken gehaald. Dat is een stevig bot dat je kan voelen aan de bovenkant van je billen.

In het bekken zit veel beenmerg en er kan makkelijk wat van worden weggenomen. Bij een beenmergdonatie wordt ongeveer 4 procent van de totale hoeveelheid beenmerg afgenomen. De natuurlijke voorraad vult zich vanzelf weer aan. Je wordt voor een beenmergdonatie ’s ochtends in het ziekenhuis verwacht en mag tegen de avond weer naar huis. Je kan van de donatie nog wel een beurs gevoel hebben of spierpijn voelen in je onderrug. Deze klachten verdwijnen meestal binnen 14 dagen. Ook kun je tijdelijk wat sneller moe zijn na inspanning.

Omdat het beenmerg in het bekken sterk doorbloed is, wordt met de afname van beenmerg ook relatief veel bloed opgezogen, tot wel een liter. Daardoor kan lichte bloedarmoede ontstaan. Het lichaam herstelt ook snel van dit tekort. Na enkele weken is de bloedarmoede verdwenen.

Bronnen:

Bronnen: