Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.
Overslaan en naar de inhoud gaan

Nierkanker

Nierkanker en allerlei mogelijke behandelingen

Leestijd: 3 minuten

De diagnose nierkanker komt voor veel mensen als een donderslag bij heldere hemel. De ziekte gooit hun leven overhoop en er wacht een intensieve behandelingstraject. Wat na de diagnose als eerste gebeurt is dat een multidisciplinair behandelteam in de overleg met de patiënt een zo goed mogelijk behandelplan maakt.


Pfizer steunt Wereld Nierkankerdag, u ook? Doe dan de quiz!

Hoe zo’n behandelplan eruit ziet, hangt van verschillende factoren. Zo is het belangrijk om te weten in welk stadium de tumor zich bevindt (welke grootte en of er al uitzaaiingen zijn), welke kenmerken de tumor heeft (groeit hij hard, hoe ziet de structuur er uit) en of er nierkanker in de familie voorkomt.

Wanneer je behandelend specialist vermoedt dat er sprake is van nierkanker worden er daarom eerst een aantal onderzoeken gedaan.

Denk hierbij aan lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, een CT-scan en röntgenonderzoek. Bij een CT-scan worden röntgenfoto’s van dwarsdoorsneden van je lichaam gemaakt. Daardoor kan de arts je lichaam als het ware plakje voor plakje bekijken.


Multidisciplinair overleg

De arts bespreekt de uitkomsten van het onderzoek vervolgens met een multidisciplinair behandelteam: een team van gespecialiseerde artsen en verpleegkundigen. In veel ziekenhuizen betrekken de artsen ook geregeld specialisten vanuit andere ziekenhuizen bij hun multidisciplinaire overleg om zo tot een zo goed mogelijk oordeel te kunnen komen.

Tijdens dit gesprek kun je als patiënt je eigen wensen en verwachtingen aangeven

Behandelplan bij nierkanker

De oncoloog maakt een behandelplan in overleg met het multidisciplinair behandelteam. Hij of zij zal dit vervolgens bespreken met de patiënt.

Tijdens dit gesprek kun je als patiënt je eigen wensen en verwachtingen aangeven. In sommige situaties zal je arts je ook bepaalde keuzes voorleggen.

Dit zal de oncoloog doen omdat er voor- en nadelen zitten aan elke medische beslissing en hij of zij het belangrijk vindt dat je zelf zeggenschap hebt en houdt over je behandeling.

Ook speelt de persoonlijke situatie van een patiënt een belangrijke rol bij de behandeling. Het vaststellen van een behandelplan is kortom echt maatwerk.

Operatie

Bij voorkeur wordt nierkanker behandeld door de nier met tumor en al operatief te verwijderen of door alleen de tumor weg te halen wanneer die niet te groot is. De medische term voor zo’n operatie is partiële nefrectomie en nefrectomie.

Tumor wegbranden of bevriezen

Het kan ook gebeuren dat een tumor als het ware wordt weggebrand of dat de tumorcellen juist worden gedood door bevriezing. Dit kan allebei worden gedaan bij tumoren die kleiner zijn dan 4 centimeter maar niet operatief verwijderd kunnen worden.

Ook kan deze behandeling worden toegepast wanneer de oncoloog het belangrijk vindt om je nier te behouden. Of wanneer een patiënt ook nog andere aandoeningen heeft zoals een hart- of longkwaal waardoor opereren riskant kan zijn.


Radiofrequente ablatie

De wegbrandmethode heet radiofrequente ablatie (RFA). Er wordt een naald door de huid heen in de tumor gebracht. Hij wordt aangesloten op een generator die de tumorcellen laat trillen. Door de warmte hierdoor ontstaan worden de kankercellen verbrand.

Voor tumoren in de long, lever en nier die groter zijn dan 3,5 centimeter, bestaat een vergelijkbare behandeling: Microwave Ablatie (MWA).


Cryoablatie

Bij Cryoablatie gaan de tumorcellen dood door bevriezing. Daarna ruimt het lichaam zelf de afgestorven cellen op. Deze behandeling is te vergelijken met het aanstippen van wratten.

Doelgerichte therapie

Doelgerichte therapie

Als de nierkanker is uitgezaaid naar andere delen van het lichaam dan is er geen genezing meer mogelijk. De behandeling is dan gericht op het zo lang mogelijk onder controle houden van de ziekte en het behoud van levenskwaliteit voor de patiënt.

Mensen met uitzaaiingen kunnen doelgerichte therapie krijgen. Targeted therapie, ofwel doelgerichte therapie, is een behandeling met medicijnen die de groei en deling van kankercellen blokkeren doordat ze de werking tegengaan van specifieke moleculen die de kankercellen nodig hebben voor hun groei en overleving.

Doelgerichte therapie zorgt ervoor dat de tumor stopt met groeien of kleiner wordt

Simpel gezegd zorgt doelgerichte therapie ervoor dat de tumor stopt met groeien of kleiner wordt. Soms wordt dan ook de niertumor verwijderd, zeker als deze klachten geeft (bloed bij de urine, pijn in zij).

Helaas werkt doelgerichte therapie maar tijdelijk. Na verloop van tijd worden de kankercellen resistent en kan de arts met je bespreken of een combinatie van andere medicijnen kunt krijgen.

Na behandeling met een doelgerichte therapie kan de arts een andere doelgerichte therapie voorschrijven welke net anders werkt als het eerste medicijn. Daarnaast kan de arts immunotherapie, therapie met monoklonale antilichamen, aanbieden als medicijn.

Monoklonale antilichamen als immunotherapie

Bij RCC wordt IFN ook als immunotherapie gezien, oude generatie. Dit heeft niet alleen effect op kanker cel, maar ook op immune environment. 

Immunotherapie is met andere woorden een behandeling die ervoor zorgt dat het eigen afweersysteem kankercellen beter kan vernietigen.

Deze behandelvorm staat volop in de belangstelling: regelmatig melden kranten en nieuwsrubrieken veelbelovende berichten over deze relatief nieuwe behandelmethode tegen kanker. De ontwikkelingen gaan snel, maar momenteel is immunotherapie pas een standaardbehandeling voor enkele vormen van kanker.

De naam van een monoklonaal antilichaam eindigt altijd op mab. Dit staat voor monoclonal antibody, de Engelse term voor monoklonaal antilichaam.

Chemotherapie werkt niet bij nierkanker. Ook bestraling wordt niet gegeven om niertumoren te bestrijden of te verkleinen. Mensen met nierkanker en uitzaaiingen in hun botten of hersenen kunnen wel bestraling krijgen als palliatieve behandeling.

Tot slot kunnen mensen die uitbehandeld zijn soms nog meedoen aan experimentele behandelingen. De patiënt krijgt dan bijvoorbeeld een nieuwe behandeling of een combinatie van behandelingen waar nog onderzoek naar gedaan wordt. Onderzoekers toetsen zo of een nieuwe behandeling effectiever en even veilig is dan de bestaande behandelingen.

Bronnen

Bronnen